Duurzame ontwikkeling

Het begrip ’duurzame ontwikkeling’ kwam voor het eerst voor in het rapport ‘Onze gezamenlijke toekomst’ van de Verenigde Naties, beter bekend als het Brundtland rapport (1987). In dit rapport werd voor het eerst benadrukt dat  er samenhang moet zijn tussen ontwikkeling en milieu wil er sprake zijn van ‘sustainable development’. Duurzame ontwikkeling wordt hier gedefinieerd als: “een ontwikkeling die voorziet in de behoeften van de huidige generaties zonder daarmee de mogelijkheden voor toekomstige generaties in gevaar te brengen om ook in hun eigen behoeften te voorzien”. 

Wat is duurzame ontwikkeling?

Het begrip ’duurzame ontwikkeling’ kwam voor het eerst voor in het rapport ‘Onze gezamenlijke toekomst’ van de Verenigde Naties, beter bekend als het Brundtland rapport (1987). In dit rapport werd voor het eerst benadrukt dat  er samenhang moet zijn tussen ontwikkeling en milieu wil er sprake zijn van ‘sustainable development’. Duurzame ontwikkeling wordt hier gedefinieerd als: “een ontwikkeling die voorziet in de behoeften van de huidige generaties zonder daarmee de mogelijkheden voor toekomstige generaties in gevaar te brengen om ook in hun eigen behoeften te voorzien”.

John Elkington visualiseerde het streven naar een wereld in balans met het oog op duurzame ontwikkeling in een model. De wereld dient in balans te zijn op het vlak van ‘people’, ‘planet’ en ‘profit’. Aandacht voor sociale gelijkheid, economische efficiëntie en respect voor het milieu zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden om te komen tot een beleid dat leidt naar duurzame ontwikkeling. Zo moet economische ontwikkeling o.a. tot doel hebben de mensheid te leiden naar een rechtvaardiger samenleving, met minder armoede en een zorgvuldig grondstoffenverbruik. Bij dit alles is de draagkracht van de aarde prioritair. 

Bij duurzame ontwikkeling gaat het dus om een transitie- of veranderingsproces van een systeem. Het betreft een maatschappelijk proces van lange duur met samenlopende veranderingen op economisch, cultureel, ethisch, technologisch, ecologisch, sociaal en institutioneel vlak. Dit vraagt ook om een andere vorm van leren.

De DVT coördineert  de werkgroep EDO binnen het VSKO en vertegenwoordigt het VSKO in diverse fora en organisaties.

Voor meer informatie kunt u terecht bij lisbet.colson@vsko.be  en  els.desmet@vsko.be.

Publicaties

Een artikelenreeks in de VSKO-tijdschriften informeert en inspireert scholen en inrichtende machten over duurzame ontwikkeling vanuit de christelijke inspiratie binnen de verschillende beleidsdomeinen van de school om beter zicht te krijgen op mogelijkheden tot implementatie.

Bewust op schoolreis

Duurzaam bouwen in de leerplannen. Studierichtingen Bouw, Hout en Schilderwerk & decoratie

Duurzaam ondernemen in een reële bedrijfscontext

Eén aarde is genoeg voor de hele wereld

Een passie voor passief

Zorg voor de schepping

Onderwijzen voor het onbekende

Gras groeit niet door er aan te trekken

Van verhuisfirma tot duurzame holding

Duurzaam ondernemen is waarde gedreven ondernemen

 

 

 

 

 

 

 

Lees ook

  • Vandaag de dag leven we in een risicomaatschappij die van haar burgers andere competenties vereist dan pakweg twintig jaar geleden. De implementatie van educatie voor duurzame ontwikkeling (EDO) ligt dan ook voor de hand.

    In de brochure: “De vlag en de lading, educatie voor duurzame ontwikkeling” van het Departement Leefmilieu, wordt educatie voor duurzame ontwikkeling omschreven als: “leren denken over en werken aan een leefbare wereld, nu en in de toekomst, voor onszelf en voor anderen, hier en elders op de planeet”. Voor het onderwijs gaat het er dus om leerlingen en studenten uit te rusten met die capaciteiten die ze nodig hebben om bewuste keuzes te maken in functie van een leefbare wereld.

    Het is voor het onderwijs belangrijk te beseffen dat het niet om een nieuwe ‘educatie’ gaat maar dat EDO meegenomen kan worden in het bestaande onderwijsaanbod. In de curricula van de verschillende onderwijsniveaus zijn reeds heel wat doelstellingen m.b.t. EDO geïntegreerd.

    De christelijke levensbeschouwing hanteert een mens- en wereldbeeld waarin de relatie tussen individu, gemeenschap, wereld en God centraal staat. In die context van verbondenheid kan de christelijke inspiratie zo de motor zijn om de school te oriënteren naar duurzame ontwikkeling.

  • Als in het kader van Duurzame Ontwikkeling gesproken wordt over People – de eerste P – dan wordt daarmee solidariteit met (kansarmen in)de hele wereld bedoeld zodat armoede en onrecht niet meer bestaan en welvaart binnen de grenzen van de natuurlijke rijkdommen van de aarde gegarandeerd wordt. Daarover vindt u hier verder informatie. Er komen thema’s aan bod als mensenrechten en menselijke waardigheid versus planetaire rechten en sociale rechtvaardigheid (gelijke verdeling van beschikbare middelen) maar binnen de ecologische grenzen.

    Gezondheid hoort ook in dit thema thuis maar heeft op de webpagina van DVT een eigen rubriek.

  • Milieu-educatie als aspect van duurzame ontwikkeling (cfr. planet) staat voor het organiseren van leersituaties met betrekking tot milieu en het daarin vergroten van inzicht en betrokkenheid bij ecologische verbanden en processen die kansen bieden de omgeving te verbeteren. Daarbij wordt aandacht geschonken aan mogelijkheden om opgedane kennis in het dagelijkse leven toe te passen.

    Veel scholen kiezen ervoor om in het MOS-project van LNE te stappen. Mos groeit niet alleen tussen de stenen, maar ook in de scholen! MOS staat voor Milieuzorg Op School Een milieuzorgsysteem op school is een geheel van maatregelen en acties waaraan iedereen meewerkt om de school milieuvriendelijker te maken. Kinderen en jongeren werken samen met hun leerkrachten, directie en schoolpersoneel dit milieuzorgsysteem uit op maat van de school. MOS biedt hiervoor educatieve en praktische ondersteuning. De concrete invulling van MOS bepaalt de school zelf.

    Voor algemene informatie over milieueducatie kunt u terecht bij Els De Smet els.desmet@vsko.be

    Voor meer informatie over wereldoriëntatie in het BaO kunt u terecht bij hilde.hendrickx@vsko.be

    Voor meer informatie over wetenschappen in het SO kunt u terecht bij emile.claeys@vsko.be

  • Bij duurzame ontwikkeling gaat het niet om het boeken van winst in één dimensie zonder dat er rekening wordt gehouden met de andere dimensies – of er zelfs afbreuk aan wordt gedaan. Het gaat juist om een voortdurend zoeken naar een synergie tussen die verschillende dimensies.

    Voor een duurzame economische ontwikkeling is het absoluut noodzakelijk rekening te houden met de ecologische dimensie: het in stand houden van kwaliteit van natuur en milieu, van ecologische functies, diversiteit en productiviteit. Aan de andere kant is het voor ecologische duurzaamheid op langere termijn noodzakelijk dat processen sociaal rechtvaardig en economisch haalbaar zijn. Economische duurzaamheid vereist dat de sociale dimensie tot zijn recht komt, en de ecologische wordt gehandhaafd.

    Het is tijd om onze nood op korte termijn aan water, voedsel en gezondheid te koppelen aan langetermijnstrategieën om sociaal kapitaal op te bouwen. Om oplossingen te ontdekken die geen ongewenste consequenties met zich meebrengen, zoals de hogere voedselprijs door het gebruik van maïs voor biobrandstoffen of bioplastic. Of het gebruik van palmolie voor milieuvriendelijke zepen, waardoor enorme stukken regenwoud voor de bijl gaan en de habitat van de orang-oetan verdwijnt. 

  • Om op een veilige manier aan het steeds drukker wordende verkeer deel te nemen is theoretische uitleg over verkeersborden en –regels niet voldoende. Kinderen zouden doorlopend ook op de speelplaats en waar mogelijk op de weg moeten kunnen leren zich zelfstandig en veilig te gedragen. Bovendien moeten ze de grenzen en mogelijkheden van mobiliteit en milieuvriendelijk woon – schoolverkeer leren kennen. De toename van het verkeer heeft onmiskenbaar zijn weerslag op de duurzame ontwikkeling van onze aarde. Verkeer, hiermee wordt verkeer- en mobiliteitseducatie bedoeld, verdient daarom aandacht van de kleuterklas tot aan het einde van het middelbaar onderwijs.